Herinnert u zich dit nog?

 

In dit rubriekje verzamelen wij kleine anekdotes, herinneringen e.d. in de vorm van de het overbekende "Wist u dat....".

Heeft u nog dergelijke kleine anekdotes laat het ons dan even weten (zie voor contact: contact en werving), nemen we ze ook hier op.

 

Herinnert u zich dit nog?

  • Dat wanneer je je auto op het kazerneterrein wenste te parkeren, eerst de KMAR deze moest goedkeuren. Zonder goedkeur, niet parkeren (jaren 60-70).
  • Dat je achter de heg kroop of achter een gebouw bleef staan, in ieder geval uit het zicht van de vlag, zodra u ook maar de bel hoorde die aangaf dat de vlag gehesen dan wel gestreken werd.
  • Dat je, toen de groetplicht er nog was, soortgelijke bewegingen maakte indien er een spontane ontmoeting met (onder)officieren dreigde.
  • Dat je in de eetzaal bij het inleveren de rand van je bord aan de onderzijde met stroop moet insmeren, leuk voor de afwassers.
  • Dat je als je de bekende dopjes losdraaide van de zout- en peperstellen, er dan altijd wel iemand was die de hele inhoud op z’n bord kreeg.
  • Dat je als je in de eetzaal naar de hagelslag of muisjes vroeg je vooral ook om de verpakking moest vragen, anders effect als boven.....
  • Dat je eigen op de legeringskamer geplaatste radio of koffiezetapparaat door de CSM moest worden goedgekeurd en dat het apparaat dan gewoon meedeed bij de kamerinspectie.
  • Dat je SMEV (vrij van Sporten, Marsen, Exercitie en Velddienst) probeerde te regelen bij de arts bij aankondiging van meerdaagse oefeningen.
  • Dat je tijdens de zaterdagmiddagloop om 12.00 het eerste stuk liep over het asfalt en daarna door het bos of dat je bij het rondje om het mobilisatiecomplex een beetje achterblijven bleef en na 500 mtr in de struiken ging zitten (of biertje ging drinken) en als de rest weer terugkwam weer achteraansloot. Als je maar op tijd binnen was anders kon je hem op zondag overlopen.
  • Dat je torenvet in je MAG deed, dan schoot hij lekker langzaam, dus meer kans op treffers.
  • Dat je de dop van je kamerstoelpoot afhaalde en deze bij een “stormbaantje” over je loop van je MAG plaatste zodat er geen kamelen in kwamen.
  • Dat je, toen je in de eerste week van je opkomst gevraagd werd of je een rijbewijs had en daar positief op antwoordde, de appèlplaats mocht aanvegen.
  • Dat je je beide paren kisten om en om moest inlopen. Dat dit niet zo’n pretje was. Dat, om dit goed te laten gebeuren, je onder één paar een klodder gele verf kreeg. Dat je tijdens de kamerinspectie s’morgens één voet moest optillen zodat de CSM de stip kon zien. Dat na een week of twee die kisten nog steeds niet soepel waren. Dat het dus altijd uitliep op SLOTENMARS.
  • Dat je op oefening de dieselheater in de boogtent snel even in zijn hoogste stand zette en na een paar minuten weer terug naar stand 2 of 3. Dat de heater nu zoveel extra brandstof gekregen had dat hij ging stampen als een grote locomotief. Dat bij nieuw personeel de tent dan altijd snel leeg was en je de tent voor jezelf had.
  • Dat je daarvoor in de keukentent wat kaas en brood ritselde om op die zelfde dieselheater tosti's te bakken. Alleen.
  • Dat je, als je je noodrantsoen opwarmde aan een uitlaat, maar te lang wachtte, je noodrantsoen uit elkaar klapte.
  • Dat de onderhoudsgroepen meestal vrijstelling hadden voor het appèl i.v.m. het de status van hun kleding.
  • Dat je altijd wel bestek kwijt was na een rondje drie-vaten systeem.
  • Dat de boer die de slobber (rest eten) kwam halen voor zijn varkens een extra inkomen had door de verkoop van het gevonden bestek (< 1980).
  • Dat je na het bloed geven gelijk naar huis ging hoewel je officieel alleen maar vrijstelling had en moest rusten.
  • Dat je ook vrijstelling ritselde voor het volgen van godsdienst en anders liet je het de aalmoezenier wel regelen.
  • Dat je bij het ophalen van een auto in bijv. Millingen of Dongen gelijk een briefje meekreeg waarop ook andere spulletjes stonden vermeld. Dat je daarbij niet verteld werd hoe je deze spulletjes kon bemachtigen als ze er maar kwamen.
  • Dat je veel plezier beleefde aan het maken van een zeemansbed (of matrozenbedje) bij een van je kamergenoten.
  • Dat je bijna evenveel plezier beleefde aan het smeren van een klein beetje tandpasta op de lippen van een slapende collega. (als hij wakker werd had hij een rood, schraal gezicht van het wrijven in de nacht).
  • Dat je met schoensmeer of blanco een nog beter resultaat had.
  • Dat je altijd mantelriempjes tekort kwam als je iemand in zijn slaap vastbond en zijn bed rechtop zette.
  • Dat je moe was van het verslepen van de PSU-kasten over de kamers.
  • Dat pornolatten niet voor niets zo genoemd werden.
  • Dat van elke onderhoudsgroep de toolset, vaak een Daf ya 328, was voorzien van een schild met het embleem voor op de gril plus een bed aan de achterwand geklapt.
  • Dat je de kerospuit vaak gebruikte om over de lak te spuiten, dan glom die zo mooi.
  • Dat, als je vergat je baret af te doen in de eetzaal, geen eten kreeg.
  • Dat je bij opkomst een Bol was, iets later een Filler en als laatste een Ouwe Stomp.
  • Dat, als het druk was in de eetzaal, je zeker wist dat er patat of chinees te eten was.
  • Dat je bij de WZZ een videorecorder huurde en in het dorp of stad de natuurfilms.
  • Dat je tijdens wachtlopen op de kazerne vijf partronen in een magazijn meekreeg die je op moest bergen in je broekzak en zeker niet in het wapen.
  • Dat je tijdens de avond vaak een brandslangengevecht hield in het gebouw.
  • Dat ieder legeringsgebouw wel een onderdeelsbar had waar ook een laars (glas)of een beerelul (glas) stond die je leeg dronk zonder te stoppen.
  • Dat een andere geliefde barbezigheid het drinken van een meter bier was.
  • Dat daar natuurlijk ook een frituurpan voor de kroket of frikandel aanwezig was. Uiteraard met mayo.
  • Dat een broodje bal met nog meer mayo ook heel best smaakte...'s morgens om half tien.
  • Dat je de blenco en schoensmeer pas echt goed kon uitsmeren nadat  je deze op een warme verwarming had gezet.
  • Dat je panty van je vriendin (of moeder) heel geliefd was; voor het uitpoetsen van je kisten. (schoenen)
  • Dat de verwarming altijd voluit stond (ook midden in de zomer). Dat als je het warm had het raam opengezette i.p.v. de verwarming uit.
  • Dat je het koper van je PSU bewerkte met haarlak, dan hoefde je het niet zo snel weer te poetsen.
  • Dat er aan de binnenkant van de WC-deur allerlei verschillende teksten stonden. Zoals:  vaarwel bruine broeder, beter een zus als hoer dan een korporaal als broer, enz. en dat jij die natuurlijk niet geschreven/ingekrast had.
  • Dat, als je geen zin had in de werkzaamheden van die dag, bij de sgt. van de dag een VRA-tje vroeg om voor controle naar de arts of tandarts te kunnen gaan.
  • Dat je lid was van de autohobbyclub. De olie en koelvloeistof kostte bijna niets en sleutelen was ook nog een leuke bezigheid.
  • Dat er buiten de poort van elke kazerne ook een snackbar was gevestigd die tijdens de dienstplicht gouden tijden beleefde.
  • Dat je, als je het gezuip in de ontspanningsruimte zat was, ook wel eens naar het PMT, KMT of HMT (Protestants, Katholiek, Humanitair Militair Tehuis) ging. Omdat het daar vaak echt gezellig was.
  • Dat de donderdagavonden vaak film- en showavonden waren. Dat daar de hele kazerne voor uitliep.
  • Dat, wanneer je auto op Vlieland (bekend van het cavalerie schietkamp) rijp was voor de sloop, het gratis was om hem als schroot naar het vaste land over te brengen maar dat het geld kostte om dat als volledig voertuig te doen. Dat de tankers daar wel een oplossing voor hadden: pletten d.m.v. een Centurion of later een Leopard.